Teleurgesteld Nieuwleusen accepteert één punt in mindering

Nieuwleusen accepteert de straf (één punt in mindering en een geldboete) die men van de KNVB kreeg opgedragen naar aanleiding van ongeregeldheden in het uitduel tegen Storica (1-0) op 3 oktober van dit jaar. ‘Het bestuur van de vereniging geeft in haar reactie aan het niet eens te zijn met de straf maar deze anderzijds wel te accepteren’, laat Nieuwleusen weten op eigen website. Thuisploeg Storica kreeg van de voetbalbond onder andere een straf van vijf punten in mindering.

In een officieel persbericht laat Nieuwleusen weten:

Naar aanleiding van de schriftelijke uitspraak van de tuchtcommissie van de KNVB heeft het bestuur van S.V. Nieuwleusen – na uitvoerig intern beraad en externe consultatie – besloten niet in beroep te gaan tegen de uitspraak van de tuchtcommissie die werd gewezen over de ongeregeldheden na afloop van de wedstrijd tussen HFC Storica 1 en S.V. Nieuwleusen 1.  op 3 oktober jl.

S.V. Nieuwleusen heeft middels een brief aan de tuchtcommissie wel aangegeven diep teleurgesteld te zijn over het feit dat de vereniging op enigerlei wijze schuldig worden bevonden aan de ongeregeldheden.

Het bestuur van de vereniging geeft in haar reactie aan het niet eens te zijn met de straf maar deze anderzijds wel te accepteren. Zij geeft hiervoor twee redenen:

  1. S.V. Nieuwleusen spreekt in haar reactie over een noodweersituatie waarin de spelers en staf van het eerste elftal zich in een uiterste poging van zelfverdediging genoodzaakt voelden om zich te verweren. Dit leverde het door de tuchtcommissie bestrafte ‘duw- en trekwerk’ op. De lezing van de club blijft dat de spelers en staf van S.V. Nieuwleusen gedurende de ongeregeldheden steeds zelf werden aangevallen en hebben zich daarop proberen te verweren.Omdat het moeilijk is hieromtrent een feitelijk en objectief beeld te kunnen verkrijgen, stelt de club dat het beeld van de tuchtcommissie afwijkt van de lezing die de vereniging onderschrijft. In haar reactie richting tuchtcommissie geeft het bestuur aan ‘dit niet te kunnen onderbouwen, mede doordat dit feit absoluut geen onderwerp van ondervraging was gedurende de hoorzitting’. De uitleg van de tuchtcommissie berust dus op haar interpretatie, die hiermee niet overeenkomt met de lezing van S.V. Nieuwleusen.

    De vereniging is, na externe consultatie, van mening dat door een dergelijk meningsverschil in geval van beroep geen voordelig effect zal sorteren.

  2. Daarnaast kiest S.V. Nieuwleusen er voor om snel een dikke streep te zetten onder het incident en kiest er daarmee voor om het incident zo snel mogelijk achter zich te laten. Een langdurige beroep- en bezwaarprocedure zal in de lezing van de vereniging ‘meer kwaad dan goed brengen’.  Zo heeft het incident nu reeds de sporen in de vereniging gelaten: één staflid heeft zijn functie neergelegd wegens het incident. Een ander staflid heeft ook nog altijd te kampen met de naweeën van het incident.Daarnaast wil S.V. Nieuwleusen voorkomen dat de boeiende en bloeiende vereniging S.V. Nieuwleusen langer onderwerp van discussie is/blijft in de landelijke en regionale media. De club geeft aan een vereniging te zijn die blijft leunen op een zestal kernwaarden (opgesteld binnen het project Samen Oranje), waarbij een positieve houding alsmede respect voor elkaar centraal staan. De vereniging geeft aan de blik weer vooruit te willen richten!

Het bestuur blijft echter van mening dat spelers en staf zich niet onbehoorlijk hebben gedragen en zich alleen verweerd hebben om zichzelf en/of anderen te beschermen. De vereniging stelt in haar reactie richting de tuchtcommissie dat deze lezing door de tuchtcommissie wordt onderschreven door de uitspraak en de beslissing om geen enkele individueel speler of staflid van S.V. Nieuwleusen voorwaardelijk of onvoorwaardelijk te schorsen.

Wel heeft de vereniging de tuchtcommissie de vraag voorgelegd “wat ze anders had moeten doen om deze straf te kunnen ontlopen?”
De – tussenliggende –  periode is te kort geweest om nu al een reactie van de tuchtcommissie te mogen verlangen.
Foto: Maria de Roo