Één doelstelling was duidelijk voor Wijhe’92-trainer Alex Booij dit seizoen: Hij zou niet degraderend vertrekken bij ‘zijn’ club. Ondanks dat men gisteren met 0-2 verloor van Dieze West kon Booij met een glimlach afscheid nemen. Wijhe’92 had zich immers donderdag al definitief veilig gespeeld na een 0-1 overwinning op Tubantia. Na vijf seizoenen vertrekt de oud-prof door de voordeur in Wijhe.

Dieze West speelde afgelopen zondag nog voor de titel. De Zwollenaren stonden twee punten achter op Luctor et Emergo. Luctor had aan winst in Enschede, bij Victoria’28, genoeg om zich kampioen te mogen noemen. Dieze West moest het opnemen tegen Wijhe’92. In de rust moet Dieze West onder leiding van trainer Boudesteijn zijn ploeg nog een keer hebben aangespoord. In Wijhe stond het 0-0, in Enschede 1-0 voor het al gedegradeerde Victoria’28. Kon het dan toch nog?

In de loop van de tweede helft wist Akloud voor Dieze de 0-1 te maken, maar kwamen de berichten ook binnen dat Luctor inmiddels met 1-2 en later 1-3 voor stond. Dat De Vries namens Dieze West nog de 0-2 kon maken, bracht alleen voor de statistieken nog verandering. Dieze West kan zich richten op de nacompetitie om alsnog te promoveren. Wijhe’92 kon zich richten om vertrekkend trainer Alex Booij eens goed in het zonnetje te zetten.

Na vijf seizoenen Wijhe’92 besloot Alex Booij rond de winterstop dat het tijd werd voor een andere uitdaging, deze vond hij in Nieuwleusen. Vervelend voor de oefenmeester is de degradatie van zijn nieuwe club. De zaterdagvoetballers degradeerde enkele weken geleden al uit 2H, waardoor Booij in de derde klasse zal moeten starten met de Oranje-Zwarten.

Booij stapte bij Wijhe’92 in het seizoen 2008/2009 in op het moment dat de ploeg kampioen was geworden in de derde klasse en wist Wijhe’92 in vijf seizoenen nimmer in degredatienood te brengen. Dit seizoen liep het, mede door het vertrek van bepalende spelers, wat stroever. Toch is de handhaving één competitieronde voor het einde een prima prestatie en een waardig afscheid (door de voordeur) voor Booij.

 

Foto’s: Rijk van den Berg